15 juni 2017

Kaartlezen (24) - De Zaan op zijn kant



Lezers van De Volkskrant, en ook die van andere media, kennen vast het werk van Jan Rothuizen. Met veel details vertelt de illustrator een verhaal aan de hand van een tekening. Laatst betrapte ik mezelf erop dat ik minutenlang gebiologeerd zat te kijken naar een tekening waarop de avond van een maaltijdbezorger in Amsterdam was uitgebeeld ('om 20:28: naar de 4e etage voor een pasta boscaiola, geen fooi'). Daarna had ik het gevoel alles te weten over het werk van een fietskoerier, veel meer dan wanneer het een geschreven artikel was geweest. Ik bleef wel zitten met de vraag of je de afbeelding een kaart mocht noemen. Er waren straten en gebouwen getekend, maar die stonden volledig in dienst van het verhaal. Rothuizen zelf noemt het een 'zachte atlas'.

Verhalende kaarten zijn niet nieuw. Oude wereldkaarten werden volgeschreven met teksten en voorzien van illustraties. De verhalende kaart lijkt in onze tijd weer bezig aan een terugkeer. De weg vinden lukt prima met Google Maps op je telefoon, waardoor er meer ruimte is gekomen voor andere functies van een kaart. Voor de ingang van het vernieuwde station in Zaandam hangt een fraaie, meterslange kaart die de bezoeker verwelkomt. Ook hier is vrijmoedig omgesprongen met de topografie; om het voor de kijker gemakkelijk te maken, is de Zaan op zijn kant gelegd. Het verhaal van de streek wordt verteld aan de hand van teksten en foto's. De bedoeling is duidelijk om bezoekers meer van 'de Zaan' te laten zien dan de molens op de Zaanse Schans. En het lijkt te werken: als je een tijdje blijft staan, merk je dat toeristen hem uitgebreid bestuderen en er foto's van nemen.

Het verschil met de illustraties van Rothuizen is dat de Zaanse kaart niet alleen verhalend is, maar ook gebruikswaarde probeert te hebben. Bij elke foto van een bezienswaardigheid loopt er een stippellijn naar de locatie. Terwijl ik de kaart bekeek, kwam er een toerist naast me staan - aan het accent te horen Oost-Europees - die op het plaatje van het Czaar Peter Huis wees. Of ik wist hoe ze daar moest komen. Aan het lijntje op de kaart had ze niet genoeg, ook omdat er geen routes of straatnamen op de kaart stonden. Misschien moet daar nog eens over worden nagedacht voor een volgende versie. Ze wilde ook weten of er nog andere dingen in Zaandam de moeite van het bekijken waard waren. En daar was de kaart, samen met wat gezond Zaans chauvinisme, dan wel weer heel geschikt voor.

                                                                                                                                      Ontwerp: Tjasker Design



Fragment van de tekening van Jan Rothuizen

Verschenen in Geografie, juni 2017

9 juni 2017

Straatkaarten (3)

                                                         @LiduinaDeering

Het is weer tijd voor een paar opvallende straatkaarten. We beginnen met het busje van Jens Beenhakker. Tot mijn schrik had ik mijn eigen foto per ongeluk gewist, maar gelukkig vond ik op Twitter deze. Over een revalideerder die Beenhakker heet, gaan we nu even geen grappen maken, dat is meer iets voor een taalrubriek. Maar die kaart: hoe krijg je het voor elkaar? Houten ligt waar Amersfoort hoort te liggen, Breda ligt op de plek van Den Bosch en Amsterdam is opgeschoven naar Purmerend. Waarom gaat het juist op busjes zo vaak mis met kaarten? (zie ook deze en deze Straatkaarten). Soms zie je op een mislukte kaart dat alle plaatsen in dezelfde mate zijn verschoven. Dan zijn er waarschijnlijk twee lagen over elkaar heen gelegd. Maar dat is hier niet het geval, want de ene plaats ligt te ver naar het Oosten en de andere weer naar het Westen of Zuiden. Laten we hopen dat Jens de verschillende lichaamsdelen beter uit elkaar kan houden.




Dan de vrolijke bestelwagen van Renzo’s Delicatessen. De Italiaanse driekleur doet je vanzelf het water in de mond lopen. En Italië is natuurlijk een enorm cartogeniek land. Maar caro Renzo, je bent iets vergeten. Een stuk Italië dat bijna net zo groot is als België. Een eiland waar dit jaar de glorieus door onze Tom Dumoulin gewonnen Giro van start ging. Waar is Sardinië gebleven? Je ziet het wel vaker trouwens, Italië zonder Sardinië. Zanger Frans Bauer heeft deze zomer een kaartje als profielfoto op Twitter om het nummer Bella Italia te promoten. Ook daarop is Sardinië onzichtbaar. Misschien is het slordigheid. Maar misschien wordt een kaart met Sardinië ook onbewust minder aantrekkelijk gevonden. Sicilië hoort er wel bij, als een driehoekig voorwerp dat een schop krijgt van de laars. Maar het bijna even grote Sardinië staat los van de laarsvorm, waardoor het gevoelsmatig de kaart verstoort. Wordt het daarom weggelaten?








Van Italië gaan we naar Turkije. Je moet de vorm van het land herkennen, want verder biedt het busje geen informatie. Ook niet op de geblindeerde zijkant. Intrigerend. De kaart zelf geeft ook al geen houvast. In het Europese deel zien we een Turkse vlag met omgekeerde kleuren. En in het midden van het land is een vorm uitgesneden met 06 erin. Nazoeken leert dat het de provincie Centraal-Anatolië moet zijn. De vorm klopt, alleen is de provincie groter dan de kaart op de achterruit laat zien. Toch weer zo’n busjes-afwijking dus. Waarvoor het voertuig precies dient of diende, blijft gissen. Een taxi?






Tenslotte een muurschildering in Amsterdam, vlakbij het Lloyd Hotel. De kaart herinnert aan de emigranten, vooral Oost-Europese Joden op de vlucht voor armoede en vervolging, voor wie het hotel de laatste verblijfplaats in Europa was voordat ze inscheepten naar Zuid-Amerika. Nu kunnen we heel hard 'Map fail!' roepen en vertellen wat er allemaal niet deugt aan de kaart. Maar laten we dat nou eens niet doen en gewoon afspreken dat hij zo is bedoeld. Hier heeft iemand heel losjes met een kaart bij de hand – of misschien zelfs uit het blote hoofd – een idee van een kaart op de muur gezet. Noem het naïeve cartografische kunst. Het resultaat is, juist dankzij die imperfectie, visueel sterk. Je kunt het zien als een verwijzing naar de onzekere toekomst die de emigranten tegemoet gingen.

Ook een opvallende kaart in de openbare ruimte gezien? Inzendingen zijn welkom.

30 mei 2017

We hebben nieuwe lijstjes nodig

Ede de gelukkigste stad van Nederland! Amsterdam nummer acht op de wereldranglijst van aantrekkelijkste steden! Lijstjes doen het altijd goed. Ze worden gretig verspreid, vooral als de eigen stad hoog scoort. Voor kranten en websites is het gemakkelijke content. Meestal blijft het bij een kort bericht waarin niets over het achterliggende onderzoek wordt verteld. Wat dat betreft verschillen steden- en landenlijstjes niet zoveel van de eindeloze hoeveelheid clickbait op het web; je weet dat je het met een flinke schep zout moet nemen en toch mòet je even kijken naar die 15 celebrities with dirty secrets.

Het is een oermenselijke behoefte om te rangschikken. Het antwoord op de vraag wat er precies is gemeten, en hoe dat is gedaan, is altijd wel te vinden in de krochten van een bijbehorend rapport. Maar wie gaat er naar een website om een pdf van 143 pagina's te downloaden? Het gaat om dat lijstje. En al weet je dat de uitkomsten moeten worden gerelativeerd, ze blijven toch hangen. Kopenhagen en Wenen zijn Amsterdam gepasseerd op de lijst van leefbare steden? Amsterdam, let op uw zaak!

Zo blijven er veel vragen liggen. Hoe zijn containerbegrippen als 'leefbaarheid' of 'aantrekkelijkheid voor investeerders' precies samengesteld? Waar zijn de grenzen van de stad gelegd? Als je de Randstad vergelijkt met Groot-Parijs krijg je heel andere uitkomsten dan wanneer je de stad Amsterdam met de stad Parijs vergelijkt. Hoeveel steden zijn er vergeleken en waarom precies die? In internationale lijstjes is Amsterdam vaak de enige Nederlandse vertegenwoordiger en worden Rotterdam of Den Haag overgeslagen. Buitenlandse steden die veel groter zijn dan Amsterdam, ontbreken dan weer. Ooit wel eens Belo Horizonte voorbij zien komen in zo'n ranglijst?

De Global Power City Index van het World Economic Forum (2017)



De vraag is altijd wat je nu precies meet. Het geluksonderzoek onder de vijftig grootste Nederlandse gemeenten bijvoorbeeld, was self reported: deelnemers moesten zelf aangeven hoe ze zich voelden. Dan meet je eigenlijk niet hoe gelukkig mensen zijn, maar welk antwoord ze geven op de vraag hoe gelukkig ze zijn. Het is heel waarschijnlijk dat ook in de bereidheid om toe te geven dat je je ongelukkig voelt culturele en demografische - en dus ook geografische - verschillen bestaan. Dan zijn Edenaren (what's in a name) dus niet het gelukkigst, maar vinden ze dat ze het minst mogen klagen. 

Wat zegt zo'n ranglijst waarin usual suspects als Londen, New York en Tokyo bovenaan staan over het leven van de gemiddelde bewoner van die stad? Of een leefbaarheidsonderzoek waarin steden als Kopenhagen, Vancouver, Wenen en Zürich steevast hoog eindigen. Meet je daarin de aantrekkelijkheid van die steden of vooral die van de welvarende en stabiele landen waarin ze liggen?

Veel 'beste dit-of-dat' lijstjes zijn een overblijfsel uit het pre-2008 tijdperk van voor de vastgoed- en kredietcrisis. De heersende gedachte was lange tijd dat als steden zouden gaan voor de hoofdprijzen - de beste bedrijven, de slimste bewoners - op termijn al hun inwoners daarvan profiteerden. We weten inmiddels dat het niet zo werkt. Zelfs Richard Florida, de goeroe van de creative cities gedachte, heeft inmiddels schoorvoetend zijn ongelijk toegegeven. Juist in steden zijn er winnaars en verliezers. Er is verdringing op de woning- en arbeidsmarkt. Wijken veranderen, waarbij oude bewoners letterlijk of figuurlijk worden weggedrukt door nieuwe. Er zijn, ook in Nederland, oplopende woonquotes; het deel van het inkomen dat opgaat aan vaste lasten.

Dit is geen pleidooi om te stoppen met lijstjes, wel om inzichtelijker te maken wat ze precies voorstellen. En voor een ander soort lijstjes. Niet meer alleen van de beste, maar van 'de beste voor wie?' Een leefbare stad betekent voor bewoners met een laag inkomen dat de huren niet nog harder stijgen. Voor jonge starters dat er voldoende betaalbare woningen te vinden zijn. Voor gezinnen met kinderen dat er voldoende speelplekken in de buurt zijn. Voor cultuurliefhebbers dat het theateraanbod op peil blijft.

Het vraagt om een nieuw soort lijstjes. Lijstjes waarin stedelijke, regionale of landelijke kwaliteit niet langer wordt gemeten als een gemiddelde dat door een hoge top omhoog wordt getrokken, maar waarin vooral wordt gemeten hoe groot de groep bewoners is die ervan profiteert. Je zou het 'de meest inclusieve stad' kunnen noemen. Welke steden slagen er het best in om iedereen te laten meetellen en meedoen?


Amsterdam-Noord, Van der Pekstraat

10 mei 2017

Geodicht




Vergeet het oude links en rechts
Verkiezingen zijn nog slechts

Een regionale stammenstrijd
Rond zaken als identiteit

De stad blij progressief
Het land boos en vol ongerief

Dat is nu het verhaal
Maar klopt het helemaal?

Onthoud als je zo'n kaartje ziet
Mensen stemmen, plaatsen niet 



3 mei 2017

Kaartlezen (23) - Zeventien miljoen stippen

Utrecht





U staat op de kaart. Het Centraal Bureau voor de Statistiek maakte een dotmap waarop elke Nederlander met een stip staat weergegeven (link). Dat klinkt misschien wat big brother-achtig, maar zo is het niet. Het uit de statistieken bekende inwoneraantal wordt omgezet in stippen en vervolgens ‘geladen’ in het bijbehorende deelgebied. Op deze kaart hebben bewoners met een autochtone Nederlandse achtergrond een roze stip gekregen, die met een niet-westerse migratieachtergrond een blauwe en bewoners met een westerse migratieachtergrond een groene. Zo laat de kaart tot in detail zien waar mensen wonen, met hoevelen ze zijn en wat hun herkomst is. De grote steden blijken veel ‘confettiwijken’ te hebben, waarin ongeveer evenveel bewoners met een Nederlandse, westerse en niet-westerse migratie-achtergrond zijn te vinden. Wie de interactieve kaart afspeurt, ontdekt ook plukjes groene en blauwe stippen. De groene zijn concentraties van westerse migranten; studenten op universiteitscampussen als de Uithof in Utrecht. De blauwe zijn de bewoners van asielzoekerscentra.

Het voordeel van dotmaps is dat ze zowel patronen als dichtheden laten zien. Daarnaast zijn ze heel geschikt als interactieve kaart, omdat je ze op een aantal schaalniveaus kunt bekijken. Bij uitzoomen vermengen de kleuren zich en zie je patronen op grote schaal. Bij inzoomen worden de afzonderlijke stippen zichtbaar en hun verdeling in buurten, steden en dorpen. Dotmaps worden vaker gebruikt om afkomst weer te geven. Bekend is de racial dotmap van de Verenigde Staten die de vaak messcherpe etnische scheidslijnen tussen de blanke, zwarte en latinobevolking in Amerikaanse steden laat zien. Ook van Brazilië is er een dotmap, die net als in de VS een sterke ruimtelijke segregatie van bevolkingsgroepen laat zien. 

De CBS-kaart is niet helemaal vergelijkbaar met de Amerikaanse en Braziliaanse dotmaps, omdat hij niet etniciteit maar migratieachtergrond laat zien. Op dat punt lijkt Nederland dus een behoorlijk gemengd land. Al heeft de driedeling 'Nederlands, westers, niet-westers' natuurlijk een beperkte betekenis; bij de groepen 'westers' en 'niet-westers' gaat het om iedereen die zelf of van wie ten minste één ouder in het buitenland is geboren. Om te weten hoeveel oude en nieuwe bewoners een plek heeft, zou je bijvoorbeeld ook kunnen kiezen voor een tweedeling 'wel of niet geboren in deze gemeente'. Stippenkaarten zijn voor allerlei doeleinden geschikt, bijvoorbeeld om verschillen in welvaart of stemgedrag weer te geven. Het CBS laat weten dat de dotmap ook zal worden toegepast voor andere data, omdat daarvoor veel interesse is. 

Veel 'confettiwijken' in de grote steden, zoals hier Struisenburg in Rotterdam

Utrecht, studentencampus de Uithof

Verschenen in Geografie, mei 2017