13 juli 2017

Zomerquiz - What's the map?

Een kaartquiz met de opdracht:  raad voor elk van de drie kaarten wat er wordt getoond. Voor wie er niet meteen uitkomt, staat onderaan voor elke kaart een hint, en daaronder de oplossingen.



Kaart 1



Kaart 2




Kaart 3


















Op kaart 1 hebben de ‘rode’ landen iets met elkaar gemeen. Maar wat? De groep lijkt vrij willekeurig samengesteld. Er zijn relatief veel grote landen bij, maar in Europa is Zwitserland de enige vertegenwoordiger (en ook drie dwergstaten, maar die mag je nu gerust even vergeten). Nederland behoort tot de grijze, ‘normale’ landen, al gaat de kaart over iets waarbij juist de Nederlandse situatie internationaal nog wel eens voor verwarring kan zorgen.

De prachtige kaart 2 laat het midden van Japan zien. Het gaat om het lichtpaarse gedeelte, dat onder meer de vlakte bestrijkt waarin Tokio ligt, rechts op de kaart. Op het eerste gezicht lijkt het misschien of de paarse vlekken iets met stedelijkheid hebben te maken. Maar toch is dat niet zo, want als je goed kijkt op de kaart zie je dat ook sommige niet-stedelijke gebieden paars zijn. Een andere aanwijzing is dat de paarse vlekken zich alleen in dit deel van Japan bevinden. Blijkbaar gaat het dus om een verschijnsel waaraan een duidelijke fysieke grens vastzit.

Kaart 3 heeft eigenlijk geen hint nodig. De kaart geeft zelf een duidelijk signaal af waarover hij gaat.



Oplossingen:


7 juli 2017

Ja hoor, weer geen Drent


Ik maakte een grapje op Twitter. De aanleiding was het bekendmaken van de zes deelnemers aan Zomergasten van dit seizoen, en de jaarlijkse discussie daarover. De klachten gingen deze keer over het feit dat er maar twee vrouwen bij waren en over het 'te linkse' gehalte van de selectie. Klagen over Zomergasten is een jaarlijks ritueel, een gezelschapsspel voor de cultureel verantwoorde medemens, een high brow tegenhanger van het gemopper over de selectie van het Nederlands elftal voor een groot toernooi, wanneer er ook altijd klachten zijn over te veel of te weinig spelers van bepaalde clubs.

Ja hoor, weer niemand uit Drenthe erbij #Zomergasten, twitterde ik, als toespeling op dat geklaag. Maar even later begon er toch iets bij me te knagen. Was het eigenlijk wel een grap? Was er in al die seizoenen ooit wel eens iemand langs geweest die werd geboren in Drenthe? Het is gemakkelijk na te gaan op de Wikipedia-pagina over het programma. Alleen de wiki's van Henriette Maassen van den Brink (2003) en Jaap van Heerden (1997) vermelden geen geboorteplaats, en de uit Curaçao afkomstige gast van dit jaar Glenn Helberg had nog geen eigen wiki.

Na ouderwets turven kom ik uit op 84 zomergasten die in het westen van Nederland werden geboren. Dat is meer dan de helft van alle zomergasten. Die westelijke dominantie komt vooral dankzij Amsterdam (29) en Den Haag (13). De drie zuidelijke provincies doen met 19 gasten mee, Oost-Nederland met 12, Noord-Nederland met 8 en België met 13. De wieg van 21 gasten stond buiten Nederland of België, waaronder vier keer in Nederlands-Indië, drie keer in Suriname, drie keer in Duitsland en twee keer in Marokko.

Acht geboren noorderlingen dus. En hoeveel daarvan in Drenthe? Inderdaad, helemaal niemand. Al ging het op eind van het turven, toen ik begon te hopen dat er geen Drent bij was omdat mijn punt anders verloren zou gaan, nog bijna mis; vredesactiviste Sienie Strikwerda, te gast in het eerste seizoen (1988), werd geboren in Musselkanaal, dat net aan de Groningse kant van de Veenkoloniën ligt. De enige andere zomergastloze provincie is Flevoland. Zeeland doet alleen mee dankzij filosoof Ad Verbrugge (2006).

Je kunt je natuurlijk afvragen hoe erg het is. Zomergasten is een programma dat mensen uitnodigt die de top van hun vakgebied hebben bereikt, en Amsterdam en Den Haag brengen blijkbaar meer van dat soort mensen voort dan Drenthe, Limburg, Overijssel of Zeeland. Je kunt betogen dat het juist goed is dat de redactie geen concessies doet aan kwaliteitscriteria; het gaat erom wie je bent en wat je doet, niet om waar je vandaan komt. Daar kun je dan weer tegen inbrengen dat deze geografische verdeling wel erg scheef is, en dat de publieke omroep meer recht zou moeten doen aan de diversiteit van de samenleving. Of dat er genoeg interessante kandidaten van buiten West-Nederland zijn, als je ze maar weet te vinden. Het is dezelfde discussie als over het glazen plafond op de arbeidsmarkt. Of over de ondervertegenwoordiging van Nederlanders uit migrantengroepen bij de politie of in de politiek. 

Maar nooit is er ophef over het feit dat er geen enkele Drent aanwezig is in een gezelschap dat de hele Nederlandse samenleving moet vertegenwoordigen. Misschien kunnen we de vraag 'is er een Drent bij?' als extra check invoeren in het diversiteitsdebat. Niet om dat debat belachelijk te maken of te bagatelliseren, maar om te laten zien dat diversiteit en ondervertegenwoordiging vaak meer dimensies hebben dan je ziet op het eerste gezicht.

15 juni 2017

Kaartlezen (24) - De Zaan op zijn kant



Lezers van De Volkskrant, en ook die van andere media, kennen vast het werk van Jan Rothuizen. Met veel details vertelt de illustrator een verhaal aan de hand van een tekening. Laatst betrapte ik mezelf erop dat ik minutenlang gebiologeerd zat te kijken naar een tekening waarop de avond van een maaltijdbezorger in Amsterdam was uitgebeeld ('om 20:28: naar de 4e etage voor een pasta boscaiola, geen fooi'). Daarna had ik het gevoel alles te weten over het werk van een fietskoerier, veel meer dan wanneer het een geschreven artikel was geweest. Ik bleef wel zitten met de vraag of je de afbeelding een kaart mocht noemen. Er waren straten en gebouwen getekend, maar die stonden volledig in dienst van het verhaal. Rothuizen zelf noemt het een 'zachte atlas'.

Verhalende kaarten zijn niet nieuw. Oude wereldkaarten werden volgeschreven met teksten en voorzien van illustraties. De verhalende kaart lijkt in onze tijd weer bezig aan een terugkeer. De weg vinden lukt prima met Google Maps op je telefoon, waardoor er meer ruimte is gekomen voor andere functies van een kaart. Voor de ingang van het vernieuwde station in Zaandam hangt een fraaie, meterslange kaart die de bezoeker verwelkomt. Ook hier is vrijmoedig omgesprongen met de topografie; om het voor de kijker gemakkelijk te maken, is de Zaan op zijn kant gelegd. Het verhaal van de streek wordt verteld aan de hand van teksten en foto's. De bedoeling is duidelijk om bezoekers meer van 'de Zaan' te laten zien dan de molens op de Zaanse Schans. En het lijkt te werken: als je een tijdje blijft staan, merk je dat toeristen hem uitgebreid bestuderen en er foto's van nemen.

Het verschil met de illustraties van Rothuizen is dat de Zaanse kaart niet alleen verhalend is, maar ook gebruikswaarde probeert te hebben. Bij elke foto van een bezienswaardigheid loopt er een stippellijn naar de locatie. Terwijl ik de kaart bekeek, kwam er een toerist naast me staan - aan het accent te horen Oost-Europees - die op het plaatje van het Czaar Peter Huis wees. Of ik wist hoe ze daar moest komen. Aan het lijntje op de kaart had ze niet genoeg, ook omdat er geen routes of straatnamen op de kaart stonden. Misschien moet daar nog eens over worden nagedacht voor een volgende versie. Ze wilde ook weten of er nog andere dingen in Zaandam de moeite van het bekijken waard waren. En daar was de kaart, samen met wat gezond Zaans chauvinisme, dan wel weer heel geschikt voor.

                                                                                                                                      Ontwerp: Tjasker Design



Fragment van de tekening van Jan Rothuizen

Verschenen in Geografie, juni 2017

9 juni 2017

Straatkaarten (3)

                                                         @LiduinaDeering

Het is weer tijd voor een paar opvallende straatkaarten. We beginnen met het busje van Jens Beenhakker. Tot mijn schrik had ik mijn eigen foto per ongeluk gewist, maar gelukkig vond ik op Twitter deze. Over een revalideerder die Beenhakker heet, gaan we nu even geen grappen maken, dat is meer iets voor een taalrubriek. Maar die kaart: hoe krijg je het voor elkaar? Houten ligt waar Amersfoort hoort te liggen, Breda ligt op de plek van Den Bosch en Amsterdam is opgeschoven naar Purmerend. Waarom gaat het juist op busjes zo vaak mis met kaarten? (zie ook deze en deze Straatkaarten). Soms zie je op een mislukte kaart dat alle plaatsen in dezelfde mate zijn verschoven. Dan zijn er waarschijnlijk twee lagen over elkaar heen gelegd. Maar dat is hier niet het geval, want de ene plaats ligt te ver naar het Oosten en de andere weer naar het Westen of Zuiden. Laten we hopen dat Jens de verschillende lichaamsdelen beter uit elkaar kan houden.




Dan de vrolijke bestelwagen van Renzo’s Delicatessen. De Italiaanse driekleur doet je vanzelf het water in de mond lopen. En Italië is natuurlijk een enorm cartogeniek land. Maar caro Renzo, je bent iets vergeten. Een stuk Italië dat bijna net zo groot is als België. Een eiland waar dit jaar de glorieus door onze Tom Dumoulin gewonnen Giro van start ging. Waar is Sardinië gebleven? Je ziet het wel vaker trouwens, Italië zonder Sardinië. Zanger Frans Bauer heeft deze zomer een kaartje als profielfoto op Twitter om het nummer Bella Italia te promoten. Ook daarop is Sardinië onzichtbaar. Misschien is het slordigheid. Maar misschien wordt een kaart met Sardinië ook onbewust minder aantrekkelijk gevonden. Sicilië hoort er wel bij, als een driehoekig voorwerp dat een schop krijgt van de laars. Maar het bijna even grote Sardinië staat los van de laarsvorm, waardoor het gevoelsmatig de kaart verstoort. Wordt het daarom weggelaten?








Van Italië gaan we naar Turkije. Je moet de vorm van het land herkennen, want verder biedt het busje geen informatie. Ook niet op de geblindeerde zijkant. Intrigerend. De kaart zelf geeft ook al geen houvast. In het Europese deel zien we een Turkse vlag met omgekeerde kleuren. En in het midden van het land is een vorm uitgesneden met 06 erin. Nazoeken leert dat het de provincie Centraal-Anatolië moet zijn. De vorm klopt, alleen is de provincie groter dan de kaart op de achterruit laat zien. Toch weer zo’n busjes-afwijking dus. Waarvoor het voertuig precies dient of diende, blijft gissen. Een taxi?






Tenslotte een muurschildering in Amsterdam, vlakbij het Lloyd Hotel. De kaart herinnert aan de emigranten, vooral Oost-Europese Joden op de vlucht voor armoede en vervolging, voor wie het hotel de laatste verblijfplaats in Europa was voordat ze inscheepten naar Zuid-Amerika. Nu kunnen we heel hard 'Map fail!' roepen en vertellen wat er allemaal niet deugt aan de kaart. Maar laten we dat nou eens niet doen en gewoon afspreken dat hij zo is bedoeld. Hier heeft iemand heel losjes met een kaart bij de hand – of misschien zelfs uit het blote hoofd – een idee van een kaart op de muur gezet. Noem het naïeve cartografische kunst. Het resultaat is, juist dankzij die imperfectie, visueel sterk. Je kunt het zien als een verwijzing naar de onzekere toekomst die de emigranten tegemoet gingen.

Ook een opvallende kaart in de openbare ruimte gezien? Inzendingen zijn welkom.

30 mei 2017

We hebben nieuwe lijstjes nodig

Ede de gelukkigste stad van Nederland! Amsterdam nummer acht op de wereldranglijst van aantrekkelijkste steden! Lijstjes doen het altijd goed. Ze worden gretig verspreid, vooral als de eigen stad hoog scoort. Voor kranten en websites is het gemakkelijke content. Meestal blijft het bij een kort bericht waarin niets over het achterliggende onderzoek wordt verteld. Wat dat betreft verschillen steden- en landenlijstjes niet zoveel van de eindeloze hoeveelheid clickbait op het web; je weet dat je het met een flinke schep zout moet nemen en toch mòet je even kijken naar die 15 celebrities with dirty secrets.

Het is een oermenselijke behoefte om te rangschikken. Het antwoord op de vraag wat er precies is gemeten, en hoe dat is gedaan, is altijd wel te vinden in de krochten van een bijbehorend rapport. Maar wie gaat er naar een website om een pdf van 143 pagina's te downloaden? Het gaat om dat lijstje. En al weet je dat de uitkomsten moeten worden gerelativeerd, ze blijven toch hangen. Kopenhagen en Wenen zijn Amsterdam gepasseerd op de lijst van leefbare steden? Amsterdam, let op uw zaak!

Zo blijven er veel vragen liggen. Hoe zijn containerbegrippen als 'leefbaarheid' of 'aantrekkelijkheid voor investeerders' precies samengesteld? Waar zijn de grenzen van de stad gelegd? Als je de Randstad vergelijkt met Groot-Parijs krijg je heel andere uitkomsten dan wanneer je de stad Amsterdam met de stad Parijs vergelijkt. Hoeveel steden zijn er vergeleken en waarom precies die? In internationale lijstjes is Amsterdam vaak de enige Nederlandse vertegenwoordiger en worden Rotterdam of Den Haag overgeslagen. Buitenlandse steden die veel groter zijn dan Amsterdam, ontbreken dan weer. Ooit wel eens Belo Horizonte voorbij zien komen in zo'n ranglijst?

De Global Power City Index van het World Economic Forum (2017)



De vraag is altijd wat je nu precies meet. Het geluksonderzoek onder de vijftig grootste Nederlandse gemeenten bijvoorbeeld, was self reported: deelnemers moesten zelf aangeven hoe ze zich voelden. Dan meet je eigenlijk niet hoe gelukkig mensen zijn, maar welk antwoord ze geven op de vraag hoe gelukkig ze zijn. Het is heel waarschijnlijk dat ook in de bereidheid om toe te geven dat je je ongelukkig voelt culturele en demografische - en dus ook geografische - verschillen bestaan. Dan zijn Edenaren (what's in a name) dus niet het gelukkigst, maar vinden ze dat ze het minst mogen klagen. 

Wat zegt zo'n ranglijst waarin usual suspects als Londen, New York en Tokyo bovenaan staan over het leven van de gemiddelde bewoner van die stad? Of een leefbaarheidsonderzoek waarin steden als Kopenhagen, Vancouver, Wenen en Zürich steevast hoog eindigen. Meet je daarin de aantrekkelijkheid van die steden of vooral die van de welvarende en stabiele landen waarin ze liggen?

Veel 'beste dit-of-dat' lijstjes zijn een overblijfsel uit het pre-2008 tijdperk van voor de vastgoed- en kredietcrisis. De heersende gedachte was lange tijd dat als steden zouden gaan voor de hoofdprijzen - de beste bedrijven, de slimste bewoners - op termijn al hun inwoners daarvan profiteerden. We weten inmiddels dat het niet zo werkt. Zelfs Richard Florida, de goeroe van de creative cities gedachte, heeft inmiddels schoorvoetend zijn ongelijk toegegeven. Juist in steden zijn er winnaars en verliezers. Er is verdringing op de woning- en arbeidsmarkt. Wijken veranderen, waarbij oude bewoners letterlijk of figuurlijk worden weggedrukt door nieuwe. Er zijn, ook in Nederland, oplopende woonquotes; het deel van het inkomen dat opgaat aan vaste lasten.

Dit is geen pleidooi om te stoppen met lijstjes, wel om inzichtelijker te maken wat ze precies voorstellen. En voor een ander soort lijstjes. Niet meer alleen van de beste, maar van 'de beste voor wie?' Een leefbare stad betekent voor bewoners met een laag inkomen dat de huren niet nog harder stijgen. Voor jonge starters dat er voldoende betaalbare woningen te vinden zijn. Voor gezinnen met kinderen dat er voldoende speelplekken in de buurt zijn. Voor cultuurliefhebbers dat het theateraanbod op peil blijft.

Het vraagt om een nieuw soort lijstjes. Lijstjes waarin stedelijke, regionale of landelijke kwaliteit niet langer wordt gemeten als een gemiddelde dat door een hoge top omhoog wordt getrokken, maar waarin vooral wordt gemeten hoe groot de groep bewoners is die ervan profiteert. Je zou het 'de meest inclusieve stad' kunnen noemen. Welke steden slagen er het best in om iedereen te laten meetellen en meedoen?


Amsterdam-Noord, Van der Pekstraat